Welkom op Dolfinariumweb,
Ontdek, Beleef, Verdiep

.

Welzijn

 

 

Zijn de dieren in het Dolfinarium gelukkig?

Een vraag die de laatste jaren steeds vaker wordt gesteld. Hoewel het volgens ons vrij duidelijk is om te zien wanneer je het park bezoekt, is het een ingewikkelde vraag. Het is niet wetenschappelijk te bewijzen wanneer dieren gelukkig zijn en of ze überhaupt het concept ‘gelukkig zijn’ kennen, Zoals wij mensen dat ervaren. Wel is het bekend dat dieren simpelweg niet denken en redeneren zoals mensen. Het is daarom onmogelijk en ook oneerlijk om de toestand van een dier te beoordelen onder menselijke gedachten en emoties. Dit zogeheten antropomorfisme doet vaak meer kwaad dan goed wanneer men de gemoedstoestand van een dier probeert te beoordelen. Vaak spelen hier eigen gedachten, emoties en voorkeuren een te grote rol in.

 

Studies wijzen uit dat dieren waarschijnlijk vooral in het ‘hier en nu’ leven en reageren op impulsen die ze op dat moment krijgen. Het is echter onmogelijk om in het hoofd van een dier te kijken en de precieze gedachtegang en emoties te ontcijferen. Wat we wél kunnen doen is gedrag aflezen en metingen doen. Bijvoorbeeld op het stresshormoon cortisol. Een studie uit 2015 door Loro Parque, een dierentuin in Tenerife is hier een voorbeeld van. Hierbij is van november 2015 tot juni 2016 het cortisol van meer dan 100 dolfijnen gemeten in 14 verschillende dierenparken verspreid over Europa. Het resultaat hiervan is dat 95% van de dieren een normaal cortisolniveau hadden of zelfs zo laag dat het niet te detecteren was.

Ook deze studie uit 2019 naar het "Wtp" of "Willingness to participate"  oftewel "bereidheid tot deelname" onder dolfijnen linkt de vrijwillige deelname aan trainingen en voorstellingen direct aan een beter welzijn. Ook in het Dolfinarium zijn verschillende welzijnsstudies uitgevoerd. Alle wetenschappelijke studies en onderzoeken die in het Dolfinarium zijn verricht kun je hier vinden.

De verzorgers spelen een essentiële rol in het waarborgen en monitoren van het welzijn van de dieren in het Dolfinarium. Doordat zij dagelijks intensief met de dieren werken, kennen zij ieder individu door en door. Ze herkennen subtiele veranderingen in gedrag, stemming en gezondheid en kunnen hier snel op inspelen. De dieren nemen vrijwillig deel aan trainingen en medische controles en kiezen er zelf voor om contact te maken met hun verzorgers. Dit gebeurt niet alleen wanneer er voedsel wordt aangeboden: ook buiten de trainingsmomenten zoeken veel dieren uit zichzelf het contact op en reageren zij positief op de aanwezigheid van hun vaste verzorgers. Dit wijst op vertrouwen en een herkenbare band tussen dier en mens. Tijdens een bezoek aan het park is deze relatie vaak duidelijk zichtbaar. De rustige omgang, wederzijdse herkenning en samenwerking laten zien dat er sprake is van een hechte band, die bijdraagt aan het welzijn, de veiligheid en de mentale stimulatie van de dieren.

 

 

 

"Maar het is toch zielig?"

In de afgelopen tien jaar is de maatschappelijke kritiek op dolfinaria en andere parken met zeezoogdieren sterk toegenomen. Het gaat dan met name over het houden van dolfijnen onder menselijke zorg. Dieren in dierenparken worden door sommigen al snel als “zielig” bestempeld, maar die mening is vaak gebaseerd op emoties en persoonlijke overtuigingen, in plaats van op feiten en meetbare gegevens. Zowel tegenstanders als voorstanders laten zich luid horen, waarbij via internet en populaire documentaires als "Blackfish" en "The Cov"e veel informatie wordt verspreid. Deze producties hebben het onderwerp wereldwijd onder de aandacht gebracht, maar staan zelf ook ter discussie. Er zijn aanwijzingen dat bepaalde beelden selectief zijn gebruikt, uitspraken zijn aangedikt of dat betrokkenen een eenzijdig verhaal vertellen. In deze documentaires komen trainers aan het woord die zijn ontslagen vanwege wangedrag en ook ex-werknemers die meer dan 10 tot 20 jaar geleden werkzaam waren bij een dolfinarium, wat de relevantie voor de huidige situatie in twijfel trekt. Vooral gezien de enorme ontwikkeling van dierenparken in de laatste 20 jaar.

Dit maakt dat de discussie vaak verandert tot een welles-nietes-spel, in plaats van een nuttig debat over dierenwelzijn. Bij het vormen van een mening over dolfinaria zijn feiten, onderzoek en meetbare resultaten essentieel. Dolfijnen onder menselijke zorg bereiken gemiddeld een hogere leeftijd dan soortgenoten in het wild, doordat zij beschermd zijn tegen veel risico’s waarmee wilde dieren dagelijks te maken krijgen. Ze hebben continu toegang tot kwalitatief goed voedsel, medische zorg en een professioneel team dat hun gezondheid en welzijn bewaakt en stimuleert met verrijking. Ook zijn zij niet blootgesteld aan bedreigingen zoals vervuiling, verstrikking in visnetten, botsingen met boten of de toenemende plasticvervuiling in zee. Tegelijkertijd blijft de kernvraag terecht: kan een dierenpark dolfijnen daadwerkelijk de ruimte, complexiteit en verrijking bieden die zij nodig hebben? En in hoeverre is het aan de mens om hierover te beslissen? Deze ethische vragen gelden niet alleen voor dolfijnen, maar voor alle dieren onder menselijke zorg. Wereldwijd bestaan grote verschillen in wetgeving en welzijnsnormen. Buiten Europa zijn er nog parken met lage standaarden, waar dieren soms nog uit het wild worden gehaald. Deze praktijken moeten absoluut stoppen!

In verschillende landen speelt de politiek inmiddels een rol bij het sluiten van dolfinaria of het aanpassen van fokprogramma’s, en ook in Europa staat dit onderwerp volop in de belangstelling. Kritisch blijven kijken naar huisvesting, verzorging en welzijn is noodzakelijk en heeft de afgelopen decennia al tot veel verbeteringen geleid. Tegelijk is het belangrijk dat het debat niet uitsluitend wordt gevoerd vanuit ideologie, maar vanuit het belang van de dieren zelf. De dieren die momenteel in het Dolfinarium leven, zijn daar geboren of verblijven er al hun hele leven en zijn niet gewend aan een bestaan in het wild. Het welzijn van deze individuele dieren mag daarom niet verloren gaan in de algehele discussie!