Steve Hearn (hoofd dolfijnenteam)

Steve Hearn (hoofd dolfijnenteam)

Hij werkt nu 23 jaar lang met zeezoogdieren, begon op zijn veertiende als horecamedewerker in het Windsor Safaripark in Engeland en had totaal geen ambities om met zeezoogdieren te werken, dat was namelijk zijn allereerste reactie toen hij werd gevraagd om daar als trainer te beginnen. Toch ging hij de uitdaging aan. Hij werkte met zeeleeuwen, dolfijnen, pinguïns en zelfs een orka. Zijn naam is Steve Hearn en werkt inmiddels 17 jaar in het Dolfinarium Harderwijk, waar hij hoofd van het team dolfijnen is.

Kun je je carrière met zeezoogdieren omschrijven?
steve“Ik begon op mijn veertiende als horecamedewerker in de weekenden in het Windsor Safaripark in Engeland. Net als hier in Harderwijk verkocht ik voor de show ijsjes. Ik had op dat moment een afspraak met mijn horecabaas, dat als ik mijn traytje had verkocht, ik de show mocht blijven kijken.
En op een gegeven moment werd ik gevraagd of ik dolfijnentrainer wilde worden. En mijn reactie was: ‘Eigenlijk niet…’ ik vond het wel leuke dieren maar verder trok het me eigenlijk niet.
Die avond heb ik het er met mijn ouders over gehad en die zeiden dat ik het maar moest proberen. Ik vond het maar niks, tussen al die haring. Ik kan me nog goed herinneren dat ik op die eerste dagen als trainer met een grote vuilniszak visafval naar de afvalcontainer liep en halverwege de afvalcontainer scheurde en al het visafval over de grond lag. Al mijn collega’s waren toen al aan het douchen of omgekleed, en daar stond ik dan als klein opdondertje van zestien jaar.
Maar mijn ouders hebben me overgehaald om de volgende dag weer op tijd wakker te zijn om weer naar het Windsor Safaripark te gaan. Gelukkig werd ik binnen korte tijd opgeleid om de filtering te controleren. Dat vond ik wel best, want dan stond ik wat minder lang in die stinkende viskeuken. Verder heb ik echt een hele brede opleiding gehad in Windsor. En al met al begon ik me meer te interesseren in de ‘dolfijnerij’.
Ik heb een avondopleiding Marine biology & Animal
Physiology
gedaan. Dat is een goede keus geweest destijds en ook voor de toekomst.
De tijd in Windsor was echt super, ik heb er gewerkt met een orka, een aantal geboortes van dolfijnen en zeeleeuwen meegemaakt en dat waren echt super ervaringen. Daarnaast deden we bijna alles zelf, van het trainen van de dieren tot het schoonmaken van het stadion.
In de jaren 80 werd het Windsor Safaripark overgenomen door ‘Themes International’ een heel jong bedrijf dat heel veel parken kocht in de Leisure Industry. Rond de jaren 90 begon de recessie in Engeland en van de één op de andere dag kwamen er weinig tot geen bezoekers meer en gingen we dicht. Er werd toen geprobeerd om het gehele park te verkopen, maar met 600 dieren was dat een behoorlijke kostenpost. Toen werd besloten om de dieren te verhuizen.
stevewomdOp dat moment had Harderwijk interesse in onze negen dolfijnen, omdat zij toen de plannen hadden om de lagune te gaan bouwen. En aangezien we destijds één van de succesvolste fokgroepen in Europa hadden wilden we alle dieren graag bij elkaar houden.
We zijn toen vanaf 1993 begonnen met het verhuizen van de dolfijnen naar Harderwijk. Eerst hebben we Smarty, Juno, Prince en Neptune naar Harderwijk verhuisd, in de zomer van 1993 hebben we Apollo verhuisd en in januari 1994 hebben we Lulu, Honey, Thea en Zeus verhuisd. We hebben hen een jaar later verhuisd omdat Thea en Zeus pas geboren waren. Apollo hebben we tussendoor verhuisd omdat hij soms een beetje ‘in de weg zat’, zoals nog steeds wel eens!”grapt hij lachend.
Destijds is er besloten om één trainer uit Windsor mee te verhuizen. Ik dacht toen dat ik misschien acht maanden tot een jaar zou blijven, maar intussen begon ik verliefd te worden op de mentaliteit en de manier van werken in Harderwijk. Intussen hadden we ook een aantal dingen veranderd en door het geloof dat Teun Dokter en Jan Mosterd in mij hebben getoond heb ik toen de kans gekregen om hier een toekomst op te bouwen.
Je kunt het zien als dat je je carrière verhuisd en je dus eigenlijk je gereedschap meeneemt. En als je het vraagt aan Prince en Smarty zullen zij denk ik precies hetzelfde zeggen, want ik ging met hen mee.”

Wat voor functie heb je nu binnen het Dolfinarium en wat zijn je taken hierin?
“Ik ben hoofd van het dolfijnenteam, wat betekent dat ik verantwoordelijk ben voor de verrijking voor de dolfijnen, ik moet zorgen dat de shows goed gaan en de dieren gezond zijn en blijven, daarnaast hebben we een grote stem in het fokprogramma waarin ik meebeslis over de tijdsplanning en waar de dieren verblijven. Verder heb ik een grote stem in de interactieve programma’s. Daarnaast ben ik ook verantwoordelijk voor de opleiding van 21 man personeel. Je moet zorgen dat de trainers ervoor zorgen dat dieren zich goed voelen. Je leert iedere dag nog van deze dieren, en als je dat niet doet dan heb je je ogen niet open.”

Kun je ons vertellen wat je het leukst vind aan je werk in het Dolfinarium?
“Het leukste aan mijn werk is de diversiteit van de dieren, tuimelaardolfijnen zijn mooie dieren, ik ben er van overtuigd dat wij dertig verschillende persoonlijkheden hier hebben.”

Wat was je bijzonderste ervaring in het werk met zeezoogdieren?
“Dat zijn er zoveel, echt heel erg veel. Op dit moment ben ik nog lang niet klaar met dit vak, ik wil nog zoveel meemaken in dit vak. De meest actuele ervaring is de redding van orka Morgan, verder de eerste show die ik draaide in Windsor toen ik 16 jaar oud was, de eerste bevalling van een dier, de eerste geboorte in Harderwijk doormiddel van kunstmatige inseminatie, de eerste show die ik hier in 1995 draaide met het nieuwe decor, het winnen van de ‘Big E’ Award in Orlando, verhuizingen van dieren die een succes worden en nog zo veel dingen meer zijn mooi. Of de mensen die hier op een manier met de dieren werken die ik graag zie, dat zijn ook dingen die ik erg mooi vind. En dat betekent dat de mensen en de dieren het hier goed doen. Ik ben nog lang niet klaar met dit vak, misschien over 26 jaar kunnen we er weer over praten en dan komen er waarschijnlijk ook een aantal opmerkelijke momenten aan bod.”

Wat is er voor de trainers veranderd door ‘De Droomwens’?
“Voor de trainers is het vooral mentaal erg veranderd, ze moeten acteurs en ook nog eens dolfijnentrainer zijn. In het theater heb je shows waar mensen in spelen, zingen en dansen en heb je te maken met allemaal belangrijke factoren. Maar in ‘De Droomwens’ heb je te maken met een nog moeilijkere factor en dat zijn de dolfijnen. Een aantal jaren geleden hebben we dat ook gedaan met de piratenshow die we toen hadden, en nu waren we ook weer toe aan iets nieuws.

Voor de dieren is vooral veranderd dat we minder waterwerk doen en in december 2009 hebben we alle dieren bij elkaar gezet. In 2009 draaiden we met vier showdieren en toen Nemo er als nieuw dier bij kwam moesten we een hoop bereiken in korte tijd. We hadden acht dieren die aan elkaar moesten wennen. Voor de trainers was dat erg zwaar. Na ongeveer zeven maanden hadden we pas een beetje stabiliteit in de show.”

Was de redding van Morgan het hoogtepunt in jouw carrière?

“Ja het was zeker één van de hoogtepunten in mijn carrière! Het lopen met zo’n dier in de Waddenzee is zeker één van de high-lights in mijn carrière. Maar ik zit nog steeds in die ‘ruis van’. Morgan is er namelijk nog en het verhaal moet zo goed mogelijk afgesloten worden. Pas dan ga je achterover leunen met de gedachte van dat we het toch maar even mooi gedaan hebben.”


Wat is jouw rol in de verzorging omtrent Morgan?

“Mijn rol in de verzorging van Morgan is het begeleiden van verzorgers en ze daarin te leiden in wat we willen trainen. Samen met Jan Mosterd maak ik plannen voor het dieet van Morgan, wanneer we haar moeten behandelen en we plannen het gehele verzorgingsrooster daar omheen. Sinds juni werk ik veertien dagen per maand met Morgan en dat is nodig omdat Morgan een bekend gezicht nodig heeft waar ze op kan vertrouwen. Op dit moment is ze niet meer herstellende maar een gezonde, speelse peuter die verrijking, stimulus en prikkels nodig heeft.

Geboortes
“Ook in de DolfijnenDelta is het afgelopen jaar een hoop gebeurd. We hebben daar nu 22 dolfijnen rondzwemmen. Dit jaar zijn er 3 bevallingen geweest, waarvan er twee niet goed zijn afgelopen. Het is nooit leuk om jonge dieren te zien overlijden, maar dat hoort nu eenmaal bij de natuur. In Harderwijk zijn we het niet gewend om jongen te verliezen, we hebben altijd erg veel succes gehad met geboortes. Het gemiddelde van bevallingen die goed gaan in Europa ligt net boven de 55%. In Harderwijk ligt het percentage net onder de 80%.