Vissen en lagere dieren

Naast roggen en haaien leven er in het Dolfinarium ook veel soorten vissen en lagere diersoorten zoals krabben en kreeften. Deze dieren vind je in het Hotel de Noordzee, het Noordzeelaboratorium, het Roggenrif en in de Krabbenkust.

Vissen en lagere dieren in het Dolfinarium
In de aquaria rondom het Roggenrif vind je veel verschillende soorten vissen en lagere diersoorten zoals krabben en anemonen. In de Krabbenkust vind je een grote groep zeebaarzen en  goudbrasems die tussen de andere dieren in de Odiezee leven. In de Krabbenkust leven ook krabben, een kreeft, lipvissen en zelfs vele soorten anemonen.

Het Dolfinarium richt zich als het om vissoorten gaat vooral op soorten die voorkomen in de Noordzee. Enkel in de aquaria in restaurant ‘De Andersom’ en souvenirshop ‘Grote Franjepoot’ zijn tropische vissen te zien.

De soorten die je in het Dolfinarium kunt vinden staan hieronder beschreven. 

Hotel de Noordzee

Kabeljauw

Latijnse naam: Gadus morhua
Lengte: 80 tot 100 cm
Bijzonderheden:
Veel mensen kennen de Kabeljauw alleen als gerecht en weten vaak niet dat het zo´n sierlijke vis is. Kabeljauw wordt onder andere verwerkt in kibbeling.

 

Snotolf
Latijnse naam: Cyclopterus lumpus
Lengte: 10 tot 20 cm 
Bijzonderheden:
De snotolf is een ronde vis die wel 30 cm. breed kan worden. De soort wordt in de visserij soms gevangen, waarna de eitjes worden verkocht als alternatief voor kaviaar.

 

Wijting
Latijnse naam: Merlangius merlangus
Lengte: 20 tot 75 cm
Bijzonderheden:
Wijting wordt in Nederland na vangst vaak verwerkt tot kattenvoer en lekkerbekjes. De wijting is een vis uit de familie kabeljauwen.

Steenbolk
Latijnse naam: Trisopterus luscus
Lengte: 25 tot 45 cm
Bijzonderheden:
Deze vis is niet gewild bij de beroepsvisserij omdat het vlees snel bederft. De steenbolk is een vis uit de familie kabeljauwen en wordt ook wel steenwijting genoemd.

 

Rode poon
Latijnse naam: Chelidonichthys lucerna
Lengte: 25 tot 65 cm
Bijzonderheden:
De rode poon heeft onder zijn borstvinnen kleine pootjes zitten waarmee hij over de bodem van de zee kan lopen.


Zeebaars

Latijnse naam: Dicentrarchus labrax
Lengte: 50 tot 100 cm
Bijzonderheden:
De zeebaarzen in de krabbenkust zijn een stuk groter dan die in de aquaria in Hotel de Noordzee. Dat komt omdat de dieren in de krabbenkust al veel ouder zijn. Zij leven hier al sinds de opening van de lagune in 1997.


Diklipharder

Latijnse naam: Chelon labrosus
Lengte: 25 tot 70 cm
Bijzonderheden:
De diklipharder komt bijna in alle zeewateren rondom Europa voor. De soort is te vinden in het zuiden van IJsland en Noorwegen tot in de Middelandse zee.


Mul
Latijnse naam: Mullus surmuletus
Lengte: 20 tot 40 cm
Bijzonderheden:
Wanneer een mul gestrest is verandert de kleur van zijn huid van wit naar een oranje. Een mul die helemaal wit gekleurd is voelt zich op zijn gemak.


Schar

Latijnse naam: Limanda limanda
Lengte: 20 tot 40 cm
Bijzonderheden:
Platvissen zwemmen in het begin van hun leven net als alle andere vissen rechtop. Naarmate de tijd verplaatsen beide ogen zich naar één zijde en langzaam aan gaat de vis op zijn zij zwemmen. De bovenkant past zich aan de kleur van de bodem en de onderzijde wordt wit. De schar vind je in de wintersuite van Hotel de Noordzee.


Noordzeekrab

Latijnse naam: Cancer pagurus
Lengte: 10 tot 30 cm
Bijzonderheden:
Noordzeekrabben hebben grote scharen en kunnen hiermee zelfs vissen uit het water grijpen.

 

Roggenrif

Zeebaars
Latijnse naam: Dicentrarchus labrax
Lengte: 50 tot 100 cm
Bijzonderheden:
De zeebaarzen in de krabbenkust zijn een stuk groter dan die in de aquaria in het Noordzeehotel. Dat komt omdat de dieren in de krabbenkust al veel ouder zijn. Zij leven hier al sinds de opening van de lagune in 1997.


Schol

Latijnse naam: Pleuronectes platessa
Lengte: 20 tot 100 cm
Bijzonderheden:
Platvissen zwemmen in het begin van hun leven net als alle andere vissen rechtop. Naarmate de tijd verplaatsen beide ogen zich naar één zijde en langzaam aan gaat de vis op zijn zij zwemmen. De bovenkant past zich aan de kleur van de bodem en de onderzijde wordt wit.

Tarbot

Latijnse naam: Psetta maxima
Lengte: 20 tot 100 cm
Bijzonderheden:
Platvissen zwemmen in het begin van hun leven net als alle andere vissen rechtop. Naarmate de tijd verplaatsen beide ogen zich naar één zijde en langzaam aan gaat de vis op zijn zij zwemmen. De bovenkant past zich aan de kleur van de bodem en de onderzijde wordt wit.


Kabeljauw

Latijnse naam: Gadus morhua
Lengte: 80 tot 100 cm
Bijzonderheden:
Veel mensen kennen de Kabeljauw alleen als gerecht en weten vaak niet dat het zo´n sierlijke vis is. Kabeljauw wordt onder andere verwerkt in kibbeling.


Wijting

Latijnse naam: Merlangius merlangus
Lengte: 20 tot 75 cm
Bijzonderheden:
Wijting wordt in Nederland na vangst vaak verwerkt tot kattenvoer en lekkerbekjes. De wijting is een vis uit de familie kabeljauwen.


Gevlekte Lipvis

Latijnse naam: Labrus bergylta
Lengte: 20 tot 50 cm
Bijzonderheden:
De gevlekte lipvis is over het algemeen een schuwe vis die zich verstopt tussen waterplanten of stenen. In de Krabbenkust moet je dus goed zoeken om deze soort te vinden.


Zeedonderpad

Latijnse naam: Myoxocephalus scorpius
Lengte: 20 tot 50 cm
Bijzonderheden:
Zeedonderpadden verstoppen zichzelf vaak tussen stenen op de bodem van de zee. 

 

Tropische aquaria


Pterapogon kauderni

Latijnse naam: Pterapogon kauderni
Lengte: 5 tot 10 cm
Bijzonderheden:
Deze soort komt enkel voor in de wateren rondom de Banggai-eilanden van Indonesië.

 

Rode anemoonvis
Latijnse naam: Amphiprion frenatus
Lengte: 5 tot 10 cm
Bijzonderheden:
Anemoonvissen leven rondom anemonen, hier eten ze parasieten en voedselresten van anemonen. De soort is beschermd tegen het netelgif van de anemoon door een slijmlaag.

 

Gele zeilvindoktersvis
Latijnse naam: Zebrasoma flavescens
Lengte: 5 tot 15 cm
Bijzonderheden:
Deze vissoort komt voor bij koraalriffen in de Stille Oceaan.

 

Zee-egel
Lengte: 5 tot 20 cm
Bijzonderheden:
De stekels van een zee-egel dienen om zichzelf voort te bewegen en zichzelf in te graven.

 

Doktersvis
Latijnse naam: Ctenochaetus strigosus
Lengte: 5 tot 20 cm
Bijzonderheden:
Deze soort komt voor in tropische zeeën, vaak in de buurt van koraalriffen.                                                                      

 

Noordzee Laboratorium

Kliplipvis
Latijnse naam: Ctenolabrus rupestris
Lengte: 10 tot 20 cm
Bijzonderheden:
De kliplipvis is zeldzaam in de Noordzee, maar wordt af en toe gevangen.


Zwartooglipvis
Latijnse naam: Symphodus melops 

Lengte: 10 tot 20 cm
Bijzonderheden:
Deze soort komt weinig voor in de Noordzee, maar is meerdere malen gedocumenteerd in de Oosterschelde en Grevelingenmeer.


Zwarte grondel
Latijnse naam: Gobius niger
Lengte: 10 tot 20 cm
Bijzonderheden:
Grondels zijn holbewoners en jagen vanaf daar veel op bodemdieren zoals garnalen en weekdieren.

 

Gewone slijmvis
Latijnse naam: Lipophrys pholis
Lengte: 10 tot 25 cm
Bijzonderheden:
Slijmvissen leven in ondiep water en leggen hun eieren vaak tussen stenen, waarna het mannetje ze bevrucht en bewaakt. In het Dolfinarium vind je Gewone en Gehoornde slijmvissen.

Zeedonderpad
Latijnse naam: Myoxocephalus scorpius
Lengte: 20 tot 50 cm
Bijzonderheden:
Zeedonderpadden verstoppen zichzelf vaak tussen stenen op de bodem van de zee. 

 

Vorskwab
Latijnse naam: Raniceps raninus
Lengte: 20 tot 30 cm
Bijzonderheden:
Deze soort wordt regelmatig gezien in de Oosterschelde en het Grevelingenmeer.

 

Puitaal
Latijnse naam: Raniceps raninus
Lengte: 20 tot 50 cm
Bijzonderheden:
De puitaal kan als één van de weinige vissoorten korte tijd op het droge doorbrengen omdat hij kan ademhalen op het land.

 

Gewone zeester
Latijnse naam: Asterias rubens
Lengte: 10 tot 30 cm
Bijzonderheden:
Zeesterren jagen veel op mosselen. Ze knijpen net zo lang op de schelp van een mossel totdat de spier van de mossel zo zwak wordt dat de schelp openvalt en de zeester de mossel op kan eten.

 

Ijszeester
Latijnse naam: Marthasterias glacialis
Lengte: 10 tot 30 cm
Bijzonderheden:
Zeesterren kunnen verloren of beschadigde delen van hun lichaam opnieuw aanmaken.

 

Paardanemoon
Latijnse naam: Actinia equina
Lengte: 1 tot 10 cm
Bijzonderheden:
Veel mensen denken dat anemonen planten zijn, het zijn echter dieren. Anemonen kunnen zich onderwater verplaatsen en zoeken plekken uit waar ze zich het beste kunnen nestelen, vaak is dit in de stroming. Paardanemonen bevinden zich vaak in ondiep water en komen met eb soms droog te staan.

Slibanemoon
Latijnse naam: Sagartia troglodytes
Lengte: 1 tot 10 cm
Bijzonderheden:
De slibanemoon komt veel voor in slibachtige ondergronden.

 

Wasroos
Verblijf: Noordzeelaboratorium en Krabbenkust
Latijnse naam: Anemonia viridis
Lengte: 1 tot 20 cm
Bijzonderheden:
De tentakels van de wasroos zijn erg lang, hiermee kunnen ze voedsel uit het water pakken.

 

Aardbeianemoon
Verblijf: Noordzeelaboratorium en Krabbenkust
Latijnse naam: Actinia fragacea
Lengte: 1 tot 10 cm
Bijzonderheden:
De aardbeianemoon heeft haar naam te danken aan de tekening onder de kroon.

 

Strandkrab
Verblijf: Noordzeelaboratorium en Krabbenkust
Latijnse naam: Carcinus maenas
Lengte: 5 tot 15 cm
Bijzonderheden:
Krabben kunnen alleen zijwaarts lopen en niet zoals veel andere dieren recht vooruit of achteruit.


Krabbenkust

Zeebaars

Latijnse naam: Dicentrarchus labrax
Lengte: 50 tot 100 cm
Bijzonderheden:
De zeebaarzen in de krabbenkust zijn een stuk groter dan die in de aquaria in het Noordzeehotel. Dat komt omdat de dieren in de krabbenkust al veel ouder zijn. Zij leven hier al sinds de opening van de lagune in 1997.

Goudbrasem
Latijnse naam: Sparus aurata
Lengte: 40 tot 70 cm 
Bijzonderheden:
Goudbrasems leven zowel in zoet als zoutwater en voeden zich met planten en kleine vissoorten.

 

Diklipharder
Latijnse naam: Chelon labrosus
Lengte: 25 tot 70 cm
Bijzonderheden:
De diklipharder komt bijna in alle zeewateren rondom Europa voor. De soort is te vinden in het zuiden van IJsland en Noorwegen tot in de Middelandse zee.

 

Gevlekte Lipvis
Latijnse naam: Labrus bergylta
Lengte: 20 tot 50 cm
Bijzonderheden:
De gevlekte lipvis is over het algemeen een schuwe vis die zich verstopt tussen waterplanten of stenen. In de Krabbenkust moet je dus goed zoeken om deze soort te vinden.

 

Strandkrab
Latijnse naam: Carcinus maenas
Lengte: 5 tot 15 cm
Bijzonderheden:
Krabben kunnen alleen zijwaarts lopen en niet zoals veel andere dieren recht vooruit of achteruit.

 

Noordzeekreeft
Latijnse naam: Homarus gammarus
Lengte: 20 tot 50 cm
Bijzonderheden:
Noordzeekreeften zijn nachtdieren en jagen ‘s nachts op kleine krabben, schelpdieren en voedden zich ook wel met zwakke of dode vissen.

 

Paardanemoon
Latijnse naam: Actinia equina
Lengte: 1 tot 10 cm
Bijzonderheden:
Veel mensen denken dat anemonen planten zijn, het zijn echter dieren. Anemonen kunnen zich onderwater verplaatsen en zoeken plekken uit waar ze zich het beste kunnen nestelen, vaak is dit in de stroming. Paardanemonen bevinden zich vaak in ondiep water en komen met eb soms droog te staan.

 

Slibanemoon
Latijnse naam: Sagartia troglodytes
Lengte: 1 tot 10 cm
Bijzonderheden:
De slibanemoon komt veel voor in slibachtige ondergronden.

 

Wasroos
Latijnse naam: Anemonia viridis
Lengte: 1 tot 20 cm
Bijzonderheden:
De tentakels van de wasroos zijn erg lang, hiermee kunnen ze voedsel uit het water pakken.

 

Aardbeianemoon
Latijnse naam: Actinia fragacea
Lengte: 1 tot 10 cm
Bijzonderheden:
De aardbeianemoon heeft haar naam te danken aan de tekening onder de kroon.